Parijs 1924_speerwerper 200x150 NOC 1922-1924 1924

NOC 1922-1924

Parijs 1924_speerwerper 200x284
1922-23
Het NOC ziet grote moeilijkheden op zich afkomen om de Nederlandse uitzending naar de Spelen van Parijs te financieren. Van de regering is nauwelijks steun te verwachten. Het bestuur richt zich daarom in een brief tot alle gemeenten boven de 5000 inwoners. Het resultaat is bedroevend.

Met warmte spreekt het NOC over de Rotterdamsche Commissie voor de wedstrijden om de Gouden Onafhankelijkheidsbeker die al jaren trouw de Olympische beweging dient met de helft van de recette die zij ontvangt. Voor 1921 en 1922 maakt de Commissie een bedrag van 1753 gulden over.

Voor de voorbereiding van de Spelen van 1928 stelt de regering de diensten van twee officieren ter beschikking: kapitein George van Rossem, als schermer diverse keren actief op de Olympische Spelen, en eerste luitenant W.A.M, van Westerouën van Meeteren. Zij worden als secretarissen toegevoegd aan de Commissie van Uitvoering 1928, die het Voorlopige Organisatie Comité 1928 opvolgt. De voorzitter van de Commissie van Uitvoering 1928 wordt Pieter Scharroo.

Joh. Heynen, een van de mannen van het eerste uur, treedt uit het bestuur van het NOC. P.W. Waller (van Nimrod) neemt zijn plaats in. De Koninklijke Nederlandsche Militaire Sportvereeniging treedt uit het NOC en draagt het haar toegekende recht tot leiding van de ruitersport over aan de Nederlandsche Hippische Sportbond.

1923-24
De algemene vergadering van het NOC benoemt op 19 januari 1924 het Comité 1928, dat de organisatie van de Spelen van Amsterdam daadwerkelijk ter hand zal nemen: voorzitter baron Van Tuyll, ondervoorzitter Pieter Scharroo, algemene secretarissen George van Rossem en W.A.H. Westerouën van Meeteren, algemeen penningmeester P.W. Waller, leden: A.Th.G. Coblijn, L.H. Feschotte, C.A.W. Hirschman, A.B. van Holkema, W.J.M. Linden, J. Warner.

Op 13 februari 1924 overlijdt op tweeënzeventigjarige leeftijd baron Van Tuyll van Serooskerken, 'de ziel en leidende geest van het NOC, de ongekroonde koning onzer sportwereld.' Het NOC besluit dat te zijner ere een monument zal worden geplaatst bij het stadion waar in 1928 de Olympische Spelen worden gehouden. Pieter Scharroo neemt het voorzitterschap waar. Hij wordt ook benoemd tot lOC-lid voor Nederland.

Om de deelname van Nederland aan de Spelen van Parijs mogelijk te maken moet het NOC voor juni 1924 25.000 gulden bijeenbrengen. De commissie die daarmee is belast wordt geleid door Hirschman. Het geld komt er via de verkoop van een speciaal NOC-speldje (hoewel de straatverkoop daarvan in de meeste steden wordt verboden), uit inkomsten van diverse voetbalwedstrijden (die tussen Blauw Wit en Ajax levert 4000 gulden op), uit de opbrengst van een speciale Sportrevue van Jean Louis Pisuisse en jhr. Jan Feith en uit bijdragen van diverse bedrijven en instellingen.

De Nederlandsche Biljartbond treedt toe tot het NOC. De algemene vergadering is met vierentwintig stemmen voor en vijf tegen van oordeel dat sportieve ontspanning als biljarten, kegelen en kolven tot het NOC kan worden toegelaten. De meerderheid komt daarmee terug op een eerder genomen afwijzend besluit in 1922. Men vindt het weinig consequent biljarten te weigeren en soortgelijke sporten als schieten en dergelijke wel op te nemen.

De Commissie lichamelijke oefeningen op school richt zich tot de regering met het verzoek na te gaan hoeveel uren in de diverse sectoren in het onderwijs aan lichamelijke oefening worden besteed. Per school verschilt dat nogal. Voorts wordt aangedrongen op een aantal lesuren in de open lucht. Daarbij dient ook aandacht te worden besteed aan andere takken van sport dan gymnastiek. Ook wil de Commissie gelijkberechtiging van het cijfer lichaamsoefening met de andere cijfers op het rapport.
De Van TuyIl-Beker wordt voor 1922 uitgereikt aan de Koninklijke Nederlandsche Amateur Schermbond.

Bron:

  • Kroniek Olympische Spelen, NOC 75 (Elsevier 1987)

Reageer op dit bericht

Naam
E-mail
Reactie
Deel dit via:

Sporterfgoed Parijs 1924

Bekijk sporterfgoed van de Olympische Spelen van Parijs 1924, uit de collectie van NOC*NSF.